zondag 1 juli 2018

Lage water verdrijft ganzen?

Met het warme weer blijft er wel heel weinig water over in de polders. Met name de Veerpolder is voor een groot deel drooggevallen. Of het hieraan ligt of aan iets anders weet ik niet zeker, maar feit is wel dat het aantal ganzen vanochtend heel erg laag was. In de Veerpolder zaten 3 Grauwe en 1 Grote Canadees met 3 pullen, in de Hennepoelpolder 25 Grauwe en geen Grote Canadezen.
Ik heb eerder al eens gesuggereerd, hier op de blog en bij Zuid-Hollands Landschap, om het water al aan het begin van de lente omlaag te brengen om het aantal ganzen beperkt te houden. Nu ligt het aantal ganzen in de zomermaanden altijd lager, dus het kan ook gewoon aan het moment van het jaar liggen. Het lijkt me in ieder geval het proberen waard, al hoeft het natuurlijk niet zo laag als op dit moment.

De grote drooggevallen stukken trekken mondjesmaat vogels aan. Zo foerageerden 3 Kemphaan-mannetjes in de Veerpolder.

Twee van de 3 Kemphaanmannetjes.
Het 3e Kemphaanmannetje samen met een Tureluur.
De Lepelaars gebruiken de Veerpolder ook als foerageergebied. Zoals elk jaar liepen de juvenielen luid bedelend achter de adulten aan. Het leven van een Lepelaar-ouder lijkt me zwaar met van die opdringerige pubers.


Er werd heel wat af gebedeld door de juveniele Lepelaars.
Vanochtend was ik een uurtje later dan normaal, wat ervoor zorgde dat ik nu ook redelijk wat Gierzwaluwen trof. Ze hadden flinke dorst en vlogen minutenlang over een stuk vrijwel rimpeloos water in de Hennepoelpolder om te drinken. Een tijdje geprobeerd het moment te pakken dat de snavel door het water gehaald wordt, maar dat viel niet mee. Meestal was ik iets te laat en had ik een scherpe rimpeling in het water en een onscherpe vogel.

Net iets te laat afgedrukt.

Die kop ziet er best raar uit als de snavel helemaal open wordt gesperd.
Overvliegende Gierzwaluw.
De Tureluurs zijn nog steeds met een redelijk aantal aanwezig. Verspreid over het gebied telde ik er 16, niet in de buurt van de 41 op 17 juni, maar toch een mooi aantal. Ook de Witgat en de Kleine Plevier liepen weer rond. Van die laatste soort zelfs 3.

Tureluur.
Witgat.
Kleine Plevier.
Het is me nooit eerder opgevallen en ik kan het ook niet echt terugvinden in de vogelgidsen of op foto's, maar één van de Kleine Plevieren had duidelijk een rode basis van de ondersnavel. Volgens de vogelgidsen die ik heb is de snavel van de Kleine Plevier "geheel zwart". Blijkbaar is er toch wat variatie. Op foto's is soms wel te zien dat de basis van de ondersnavel lichter is, maar dan meer grijsbruinig.


Kleine Plevier met duidelijk rood-oranje basis van de ondersnavel.
De rietvogels laten zich nog steeds weinig horen, waardoor ze een stuk lastiger te vinden zijn. Gelukkig hoor je af en toe nog een Kleine Karetiet, Rietgors of Rietzanger, want zonder die geluiden is het toch minder vrolijk.

Zingende Rietzanger.
De Vidief-jongen lijken grotendeels uitgevlogen. Op de modderplaten in de Veerpolder zaten 4 juvenielen en in de Hennepoelpolder kon ik nog maar 1 pul terugvinden. Op de nestplek is de begroeiing nu zo uitgebreid dat er ook aan de randen nauwelijks nog plek is.

Juveniele Visdief.
Juveniele Witte Kwikstaart of een zoetwatermossel.

1 opmerking:

  1. Mooi blog, ik was er maandag sinds lange tijd weer eens. Ik wist niet wat ik zag in de Veerpolder, het staat bijna helemaal droog. Wel aardig wat jonge vogels kunnen zien, dus wellicht deze maandag na werktijd weer even een rondje polders doen.
    groetjes Ghita

    BeantwoordenVerwijderen